Artikel Land en Water

De Week van de Geschiedenis is een jaarlijks terugkerend landelijk evenement. Ieder najaar organiseren honderden musea, archieven en andere culturele instellingen speciale tentoonstellingen en activiteiten rond een wisselend thema. In 2010 is dat Land en Water. De Week van de Geschiedenis vindt plaats van 16 t/m 24 oktober. De Nacht van de Geschiedenis is op 23 oktober.

Wie aan Nederland denkt, denkt aan water. Aan de strijd tegen en op het water. Aan de imposante Oost-Indiëvaarders, fluitschepen en haringbuizen. Aan windmolens en polders. Aan dijken en havens. Aan Zuiderzee, Waddenzee, IJsselmeer en Noordzee. Aan Rijn, Maas, Lek, Merwede en IJssel. En wie aan water denkt, denkt aan Nederland. Aan laag land. Leefbaar laagland. Een ingericht en geordend land, want Nederland is een door de mens geschapen milieu: ‘Wij zijn een volk van verkavelingen’ en ‘God schiep de wereld, maar de Nederlanders maakten Nederland’.

De Week van de Geschiedenis is daarom gewijd aan Land en Water. Aan het gemaakte Nederlandse landschap, de Deltawerken en de Afsluitdijk, klimaatverandering en waterschappen, maar ook aan de polder als inspiratiebron voor de Hollandse politieke cultuur, het landschap als schildergenre en de indamming van water als metafoor voor de beteugeling van overdaad en driften. Ook meer mythische zaken doen mee: water als bondgenoot én bedreiging, land(schap) als zinnebeeld van Hollandse opgeruimdheid én schoonheid. En natuurlijk land en water als vermaak of moderner gezegd, als leisure … het pootjebaden en spelevaren, het wandelen en kamperen.

Maakbaar land

Nederland is een lappendeken van grondsoorten en landschappen. Rivieren, sloten, prielen en geulen doorkruisen delta´s, veengebieden en polders. Meren en plassen liggen verzonken in vrijwel alle provincies. Via de havens van Rotterdam en Amsterdam komen en vertrekken duizenden mensen en goederen. Een enorme gasbel in Groningen levert veel huishoudens warmte en gekookt voedsel op. De Veluwse heidevelden zijn inmiddels een nationaal park en op het nieuwe land is nieuwe natuur gemaakt; natuurgebied de Oostvaardersplassen in de Flevopolder. Daar bevindt zich eveneens een ´kunstmatige natuurijsbaan´. Een fraaier voorbeeld van maakbaar landschap in combinatie met ´typisch Hollands´ vermaak is bijna niet te vinden.

Nederlanders handelden over zee én overzee (VOC, WIC en Oostzeehandel of de moedernegotie), veranderden grote delen laag- en hoogveen in landbouwgronden, sterker, ze maakten van water land: de afsluiting, drooglegging en inpoldering van de voormalige Zuiderzee. Op de Afsluitdijk staat een enorm beeld van de initiator, de waterbouwkundige Cornelis Lely. Aan de overzijde is een koffiehuis te vinden, als onderdeel van een heus monument, ontworpen door Dudok, één van onze belangrijkste architecten. Verderop staat een versteende dijkwerker. Tastbare herinneringen aan het immense werk om die enorme en massieve streep door zee te bewerkstelligen, waarover we nu rustig en veilig van Noord-Holland naar Friesland rijden (en andersom).

Land en water, water en land

Land en water hebben altijd met elkaar te maken en te maken gehad. Zo ontvluchtten de rijke Amsterdamse handelaren hun herenhuizen aan de stinkende grachten en trokken naar het frisse land. Via koetsen en trekschuiten. De geplaveide zandwegen en de trekvaarten waren voorbodes van de asfaltering en het kanalenstelsel. Het gesteggel over gebruiksrechten op landbouwgrond de prelude van de grootscheepse ruilverkavelingen in de twintigste eeuw en de meest bekende Nederlanders wonen tegenwoordig in pittoreske boerendorpen als Laren en Blaricum. En de Deltawerken danken hun bestaan aan dé ramp van 1953. En de Zeeuwen en Zuid-Hollanders danken hun bestaan aan diezelfde Deltawerken …

Maar waarom werden bovenstaande gebeurtenissen, personen en organisaties historisch belangrijk? Hoe ontstonden bijvoorbeeld de geldmachines VOC en WIC? Was het niet juist de Oostzeehandel die de Gouden Eeuw inluidde? Hoe werkt inpoldering, wat is een droogmakerij, wat een bedijking ? Hoe lang duurde het voordat de Zuiderzee werd drooggelegd? Zijn de dijken hoog en sterk genoeg en waarom is Rotterdam een wereldhaven geworden? Waarom werden de Deltawerken niet eerder aangelegd?

Ook worden er meer abstracte vragen gesteld tijdens de Week van de Geschiedenis. Wat is water? Weten we dat eigenlijk wel? De dichter Kopland had geen antwoord:
‘Als met water zelf, met de gedachte
spelen dat je ooit en eindelijk
zult weten wat het is.
Het is regen geweest, een rivier, een zee,
hier was het, hier heb ik het gezien
en ik zie water en weet niet wat het is’.

En wat is land? Wat is Nederland? Heeft de grond iets met ons karakter te maken? Of met onze identiteit? Zijn wij werkelijk een volk van eeuwige watertrappelaars dat immer hozend nieuw land aanmaakt? Polderen we werkelijk alles en iedereen tevreden? Kennelijk niet. Schilder Joseph Beuys beschouwde de Zuiderzee als een grote vloeibare spiegel, ´het oog van Nederland´, maar vond ook dat het beroemde Nederlandse licht zijn helderheid had verloren. De Nederlanders hadden zichzelf een blinddoek omgedaan, bestaande uit de grootschalige inpolderingen en het voortdurende gevecht tegen het water. De Harderwijker Eibert den Herder waarschuwde tegen de aanleg van de Afsluitdijk. Het zou juist erger worden … het water zou stuwen tegen die vermaledijde zeewering en dan ineens heel Nederland verzwelgen.

Vragen en overpeinzingen die om bijzondere evenementen en activiteiten schreeuwen. Land en water zijn dus geen abstracte termen, maar alomtegenwoordig. Landschappelijke en waterbouwkundige sporen zijn overal te herkennen. Zo kunnen ook instellingen, sprekers en artiesten die op het eerste gezicht weinig met land en of water van doen hebben, op velerlei wijzen bijdragen aan de Week van de Geschiedenis.

www.weekvandegeschiedenis.nl